vrijdag 8 mei 2009

hfdt. 20 leiderschap bij kerkplanting

Als een kerk opnieuw begint
Hfdst. 20 leiderschap bij een kerkplanting met in gedachten Voorschoten

Leiderschap heeft te maken met de invloed die we uit kunnen oefenen op de processen om richting en samenhang te geven aan het ontstaan en/of verder ontwikkelen van een missionaire gemeenschap in Voorschoten. Factoren die hierbij een rol spelen zijn de tradities waardoor gemeenteleden gevormd zijn, verwachtingen die leven bij gemeenteleden, de culturele context waarin het plaats moet vinden. Het is duidelijk dat in een bestaande gemeente zeer verschillende groepen zijn, die we niet allemaal op één lijn moeten proberen te krijgen. Dat hoort bij het mooie van de pluriformiteit van de gemeente (samen met alle heilige de omvattendheid van de liefde van Christus ontdekken), maar voor de missionaire daadkracht kan het verlammend werken wanneer daarin uniformiteit wordt verwacht. Die missionaire daadkracht mag en moet zelfs ook pluriform zijn (mixed economy).

In de huidige ingewikkelde context van het post?-moderne westen met zijn grote diversiteit en de vele nieuwe vragen waarmee we als gemeente geconfronteerd worden, werkt het klassieke leiderschapsparadigma van een hiërarchische uitoefening van macht niet meer.
De grote veranderingen waar we als westerse cultuur de laatste decennia doorheen zijn gegaan vraagt meer dan inspraak en overleg. Er moet een paradigmawisseling komen bij een nieuwe missionaire aanpak. Een visionair leider zou hierin de weg kunnen wijzen. Een gevaar hierbij is dat de visie uniform wordt waardoor veel gemeenteleden buiten de boot zouden vallen, terwijl het juist in onze context belangrijk is dat een onderdeel van de visie pluriformiteit is. Juist die verscheidenheid moet men wel van elkaar erkennen, anders wordt het moeilijk om van zo’n gemeenschap deel uit te maken. Binnen die verscheidenheid kunnen op deelgebieden dan ook weer visionaire leiders ontstaan. Deze visionaire leiders vormen samen het organisch verband van de gemeente en delen samen een aantal kernwaarden rond belijdenis, sacramenten, ambtsopvatting en pluriformiteit. Zo kan er binnen de deelgebieden rust zijn, maar aan de randen gist en bruist het en kunnen er tal van nieuwe mogelijkheden ontstaan.
In Voorschoten zullen we niet zo snel uitgaan van een nieuwe kerkplanting, maar van een mixed-economy, waarbij de eigen viering/bijeenkomst een eigen expressie van gemeente-zijn is. Een aantal kenmerken die gelden voor een kerkplanting, gelden ook voor zo’n nieuwe eigen expressie van kerk-zijn. In het begin zullen er veel veranderingen zijn en ligt alles nog niet zo vast. Het zullen relatief homogene groepen zijn. Qua structuur zijn het eenvoudige kleine organisaties met een actieve participatie van de deelnemers. Ze zijn zich sterk bewust van hun doelstelling en proberen daar mensen bij te betrekken of er voor hun doelgroep te zijn. Hun theologische identiteit kan ook een eigenheid hebben die afwijkt van de grootste gemene deler binnen de PGV. Belangrijk daarbij is dat men zich niet afzet tegen de ander, maar zich verbonden weet met de overigen, zonder dat men de eigen inbreng hoeft te relativeren. Een visionair leider binnen zo’n nieuwe expressie is essentieel, maar dit hoeft geen predikant te zijn. Wel is het belangrijk dat het ingekaderd wordt binnen de structuur van de hele gemeente voor o.a. uitwisseling, afstemming en ondersteuning. Op die manier kan de kwetsbaarheid van zo’n beginnende organisatie beperkt worden.
Verder is het belangrijk dat er direct vanaf het prille begin rondom een visionair leider een leiderschapsteam ontwikkeld wordt. Ik denk dat dat niet alleen voor een kerkplanting geld, maar ook voor een nieuwe expressie van kerk-zijn. Want ook daar gaat het min of meer om ‘doelen stellen, een strategie ontwikkelen, visie overdragen, ‘vakkennis’ opdoen en bijhouden, kerkelijke vergaderingen bijwonen, de financiën in de gaten houden, de organisatie stroomlijnen, hoge ethische normen handhaven, mensen coachen en ondersteunen, …, waarden ontwikkelen en inbedden in de organisatie.’ En: ‘Omdat moreel onfeilbare mensen, die alles weten en geen fouten maken moeilijk te vinden zijn, is de kans groot dat we onszelf bij het zoeken naar een ideale leiden opschepen met een psychopaat of een narcistisch persoon.’ Het is belangrijk om vanaf het allereerste begin met gedeeld leiderschap te starten, omdat er anders al gevestigde belangen en posities zijn die niet makkelijk worden opgegeven. Fundamenteel voor leiderschap door een team is dat de teamleden vertrouwen in elkaar en in elkaars vaardigheden hebben. Het gaat om het besef dat je het alleen samen kunt, dat je elkaar iets gunt en dat je blij bent met ieders eigenheid. Uiteraard is het belangrijk dat er onderlinge overeenstemming is over de visie en de waarden van de organisatie. Waar ga je voor en waar sta je voor. Goede persoonlijke verhoudingen zijn essentieel en daarbij is externe begeleiding door een supervisor vaak nodig om conflicten te voorkomen.

Bij een nieuwe start van een eigen expressie van kerk-zijn is er grote behoefte aan een samenbindend en inspirerend leiderschap, dat laat zien welke kant het op moet (transformerend leiderschap). Een transformerende manier van leiding geven kenmerkt zich door: communiceren (mensen laten zien wat de eigenheid en het belang van dit project is); geloofwaardig handelen (trouw blijven aan je missie en visie); betrokken zijn op mensen (hen kennen en respecteren); creativiteit bevorderen (stimuleren om risico’s te nemen en zelfstandig verantwoordelijkheid te dragen). Bij dit alles is een overtuigende visie die verbonden is met diepgevoelde waarden, verlangens en overtuigingen van mensen in de gemeente.

De groep die met een eigen expressie van kerk-zijn start moet een gemeenschappelijke visie, waarden en overtuigingen hebben. Het is dus het beste om te starten met een aantal bijeenkomsten waarin dit met elkaar besproken wordt, zodat er een gemeenschappelijke lotsverbondenheid met het project ontstaat.

Tot slot wordt nog het ideaal van een niveau 5-leiderschap geschetst:
- ze streven naar het beste voor de organisatie, maar niet om hun eigen ego te strelen; blijven graag op de achtergrond, spelen complimenten door naar anderen en nemen zelf de verantwoordelijkheid op zich voor mislukkingen;
- het begint niet met een goede visie maar met de juiste mensen;
- is hoopvol maar zonder illusies, de waarheid mag genoemd, bij mislukkingen worden geen zondebokken gezocht;
- je blijft bij je leest en doe alleen waar je goed in bent;
- geeft grote zelfverantwoordelijkheid en creëert een cultuur van leiderschap waarbinnen mensen zich erkend en gemotiveerd weten

Geen opmerkingen:

Een reactie posten